
Soms hoef je voor een gezellige middag helemaal niets ingewikkelds te bedenken. Een mengkom, een bakplaat en twee kinderen die graag met hun handen in het deeg zitten, zijn eigenlijk al genoeg.
Deze keer bakten we Hazerswoudse molenkoek, gemaakt met de speciale mix van Molen Nieuw Leven in Hazerswoude-Dorp. Dat past natuurlijk mooi bij Tindahan: een lekker product uit onze eigen omgeving, gemaakt met aandacht voor het ambacht.
Een echte Hazerswoudse koek
Molen Nieuw Leven staat aan de Dorpsstraat in Hazerswoude-Dorp. De korenmolen staat sinds ongeveer 1815 op deze plek, is nog steeds maalvaardig en er wordt regelmatig graan gemalen. In de molenwinkel worden verschillende soorten meel en bakmixen verkocht, waaronder hun eigen mix voor Hazerswoudse molenkoek.
Wij besloten de mix niet als één grote koek te bakken. De kinderen mochten er zelf losse koekjes van maken. Hierdoor werd ieder koekje net even anders. Sommige waren mooi rond, andere iets minder rond en een paar waren vooral heel groot. Precies zoals het hoort wanneer je samen met kinderen bakt.
Recept voor Hazerswoudse molenkoek
Benodigdheden
- 1 zak Hazerswoudse molenkoekmix van 500 gram
- 100 gram roomboter op kamertemperatuur
- 1 middelgroot ei
Dit zijn de ingrediënten uit het officiële recept van Molen Nieuw Leven.
Zo maak je de molenkoek
Verwarm de oven eerst voor op 160 °C.
Doe de zachte boter in een ruime mengkom en kneed deze kort. Voeg vervolgens de molenkoekmix en het ei toe. Meng en kneed alles totdat er een samenhangende bal deeg ontstaat.

Volgens het oorspronkelijke recept druk je het deeg uit op een bakplaat of in een bakvorm. Maak er een gelijkmatige laag van ongeveer 2,5 centimeter dik van.
Verhoog daarna de temperatuur van de oven naar 175 °C en bak de grote molenkoek in ongeveer 30 tot 45 minuten gaar.
Onze versie: losse molenkoekjes
Wij lieten de kinderen steeds een stukje deeg pakken. Daar maakten ze met hun handen een bolletje van, dat ze vervolgens op de bakplaat platdrukten.
Bij losse koekjes kan de baktijd korter zijn dan bij één grote molenkoek. Houd ze daarom tijdens het bakken goed in de gaten. Zodra ze mooi bruin en stevig zijn, kunnen ze uit de oven. Laat ze daarna eerst rustig afkoelen, want direct uit de oven zijn ze nog zacht.
De koekjes hoeven niet allemaal even groot te zijn. Wanneer sommige koekjes duidelijk kleiner zijn, kun je die eventueel iets eerder van de bakplaat halen.
Bakken met kinderen
Het leuke van dit recept is dat kinderen bijna overal bij kunnen helpen. Het deeg is stevig en kan gewoon met de handen worden gevormd. Een perfect rond koekje is niet nodig.
De kinderen kunnen helpen met:
- het mengen en kneden van het deeg;
- het maken van bolletjes;
- het platdrukken van de koekjes;
- het verdelen over de bakplaat;
- en natuurlijk het proeven na afloop.
Alleen bij de hete oven is hulp van een volwassene nodig.
Bij ons werd er serieus gekneed, gevormd en platgedrukt. Daarna moesten we vooral geduld hebben terwijl de koekjes in de oven stonden. Gelukkig mocht er na het afkoelen meteen worden geproefd.
Lokaal bakken smaakt toch anders
We vinden het leuk om onze kinderen te laten zien waar eten vandaan komt. Meel verschijnt niet zomaar in een papieren zak in de winkel. Eerst moet het graan worden gemalen en daar komt bij een echte korenmolen behoorlijk wat werk bij kijken.
Met een bakmix van een molen uit het eigen dorp wordt een eenvoudig middagje koekjes bakken ineens ook een klein stukje Hazerswoude. En eerlijk is eerlijk: een koekje dat je zelf hebt gekneed en gevormd, smaakt bijna altijd lekkerder.

